Naar de tandarts
Bloedverdunners
Als iemand een (kleine) chirurgische ingreep moet ondergaan moet over het algemeen de instelling met bloedverdunners (Ascal, Plavix, Acenocoumarol of Fenprocoumon) tijdelijk worden aangepast.. Bij gebruik van Acenocoumarol of Fenprocoumon is het mogelijk dat er vitamine K gegeven moet worden om het effect van de antistollingsmiddelen te verlagen. Bij tandheelkundige ingrepen waarvan de omvang niet groot is behoeft de behandeling niet altijd te worden aangepast, echter het risico op een bloeding is verhoogd. De tandarts bepaalt of er voor de ingreep gestopt moet worden, in overleg met uw cardioloog en eventueel de trombosedienst.
Klepafwijkingen
Indien u een kunstklep of klepafwijking heeft, dient u uw tandarts hierover in te lichten, zodat deze adequate maatregelen kan nemen met betrekking tot het tijdelijk stoppen van bloedverdunners en het geven van endocarditisprofylaxe.
